donderdag 7 december 2017

Marguerite Yourcenar - Hadrianus’ gedenkschriften


Een monumentale roman


Vooraf

Als eerste wil ik benadrukken dat Yourcenars werk ‘hors concours’ is. Zij hoort als auteur bij de groten der aarde. Wat dan niet wil zeggen dat haar werk leest als een tierelier. Maar dat kan ook enigszins liggen aan mijn wat rusteloze geest van de laatste tijd. Momenteel nopen Couperus’ Boeken der kleine zielen, het hoorspel van Het Bureau van JJ Voskuil en vooral Dantes Goddelijke komedie me tot very slow reading.

Zo is het ook met dit werk van Yourcenar. Vorig jaar las voor mijn fysieke leesclub ‘Het hermetisch zwart’, en dat vind ik iets makkelijker lezen; het speelt zich af in een tijd die ik beter ‘ken’ (van mijn studie).

Bij Hadrianus lees ik echt iedere zin. Elke zin is een bijna een wereld op zich. De term ‘gebeeldhouwd’ komt me voor de geest, maar ik weet eigenlijk niet goed wat daarmee bedoeld wordt.  Monumentaal dan, ja, dat is een beter woord.

Korte biografie

Hadrianus (Latijn: Publius Aelius Traianus Hadrianus Augustus) (Rome of Itálica, 24 januari 76 – Baiae, 10 juli 138), was Romeins keizer van 117 tot 138. Hij staat bekend om het bouwen van de Muur van Hadrianus, die de noordelijke grens van Britannia aangaf. In Rome herbouwde hij het Pantheon en construeerde de Tempel van Venus en Roma. Naast een keizer was Hadrianus ook een filhellenist (= liefhebber van de Griekse cultuur) in hart en nieren. Hij was de derde van de vijf adoptiekeizers.

Hadrianus werd geboren als Publius Aelius Hadrianus. Zijn voorganger, Trajanus, was een neef langs moederskant van de vader van Hadrianus. Trajanus had nooit officieel een opvolger aangewezen, maar volgens zijn vrouw Pompeia Plotina wees Trajanus Hadrianus vlak voor zijn dood als keizer aan. Trajanus' vrouw en zijn vriend Licinius Sura waren Hadrianus goedgezind. Het kan goed zijn dat hij zijn opvolging aan hen te danken had.

Tijdens zijn heerschappij maakte Hadrianus reizen naar bijna elke provincie van het keizerrijk. Hadrianus was een vurige bewonderaar van Griekenland, en wilde van Athene de culturele hoofdstad van het keizerrijk maken en gaf daarom de opdracht tot de bouw van vele weelderige tempels in de stad. Hij gebruikte zijn homo-erotische relatie met zijn Griekse geliefde Antinoüs om zijn filhellenisme te onderstrepen en dit heeft geleid tot een van de populairste cultussen van de oudheid. Hij bracht zeer veel tijd door met het leger; hij droeg gewoonlijk militaire kledij en at en sliep zelfs met de soldaten. Hij beval dat de militaire training strenger moest zijn en maakte zelfs gebruik van valse aanvalsrapporten om zijn leger alert te houden. Na zijn troonsbestijging trok Hadrianus zich terug uit Mesopotamia en Armenia, de veroveringen die Trajanus was begonnen, en overwoog zelfs om Dacië te verlaten.
Later in zijn heerschappij onderdrukte hij de Bar Kochba-opstand in Judaea en hernoemde deze provincie Syria-Palaestina. In 136 adopteerde een zieke Hadrianus Lucius Aelius als zijn opvolger, maar die stierf plotseling twee jaar later. In 138 besloot Hadrianus Antoninus Pius te adopteren op voorwaarde dat deze op zijn beurt Marcus Aurelius en Aelius' zoon Lucius Verus zou adopteren als zijnde diens eventuele opvolgers. Antoninus ging akkoord, en spoedig daarna stierf Hadrianus te Baia.

Vorm

De gefingeerde autobiografie van Hadrianus heeft de vorm van een soort afscheidsbrief aan zijn adoptiefkleinzoon en beoogd opvolger, Marcus Aurelius.

Weliswaar heeft Hadrianus zelf een soort van autobiografie geschreven maar die is verloren gegaan. Yourcenar heeft er flink wat jaren op zitten zweten, iets van 25 jaar. Een resultaat van een lange adem.

De briefvorm geeft je enerzijds het gevoel dat de dingen werkelijk gebeurd zijn, maar ook dat het een persoonlijke getuigenis is - en dan moet je voorzichtig zijn: de onbetrouwbare verteller ligt dan op de loer. Het betrekt je als een intimus bij Hadrianus’ leven en zijn wederwaardigheden. En dat terwijl alles zo gefingeerd is. En ook dat het niet werkelijk Yourcenaars bedoeling is een ‘werkelijke’ biografie van Hadrianus te schrijven. De tegenstelling werkelijkheid - fictie is subliem, terwijl je dat als argeloze lezer niet in de gaten hebt.

Hierboven zei ik het reeds; Ieder zin van Yourcenar moet gesavoureerd worden. Iedere zin moet je heel bewust en heel tot je nemen, de ervaring is een heel heftige.

Betekenis

Het was niet haar bedoeling een biografie van een Romeinse keizer te schrijven maar van een ‘ideaal mens’. In haar ogen vertegenwoordigde deze keizer de ideale mens met een goede balans tussen stoïsche deugden en wereldse geneugten. Een mens die zijn eigen kleine hartstochten kon overwinnen ten gunste van het algemeen belang. Zijn Pax Romana zorgde voor betrekkelijke rust in het grote rijk, en dus ook voor een zekere welvaart; ten tijde dat Yourcenar het boek uitbracht heerste er in Europa een post-WOII ‘Pax Europeana’.
Van de week hoorde ik in een hoorcollege van Fik Meijer over het antieke Rome, dat de stad feitelijk geen economie kende, er werd niet veel verdiend, er waren geen bedrijven in de stad. Het volk had weinig te doen. Het betekende dat de keizer voor hun leeftocht zorgde: brood en spelen. Ongelooflijk.

Maar toch ook kende Hadrianus passies, zijn liefde voor de schone jongeling Antinoüs, zijn liefde voor alles wat Grieks was, en daarin was hij een slecht Romein. Ook een zekere hartstocht en zucht tot overgave, het Dionysische, in zijn jeugd voor die vreemde godsdienst met de inwijding met dat stierenbloed, maar daar zette hij tegenover zijn gezonde leefwijze en sobere soldatenleven.

Zijn brief aan Marcus Aurelius is ook een evaluatie van zichzelf, van zijn leven, en van zijn idealen, terwijl hij zichzelf daarin natuurlijk wel een prominente positie geeft. Maar de erkenning van zijn zonden of zondetjes, van de erkenning de dingen misschien niet altijd even goed aangepakt te hebben, maken hem sympathiek, en dat weet hij!

Anachronisme?

Er wordt haar wel anachronisme verweten door sommigen, dat zij dus elementen inbracht die niet historisch Romeins zouden zijn. Ik kan dat niet beoordelen. Als ik het boek lees, dan denk ik niet: nee, dat kan niet. Ik heb vroeger gymnasium gedaan en ik kreeg af en toe wat associaties met ‘De Bello Gallico’ van Caesar, maar dat komt misschien door al die soldatenverhalen aan de ‘limes’ van het Rijk. Wellicht bedoelen de criticasters dat een Romein niet dacht zoals Yourcenar Hadrianus liet denken. Maar dat weten we gewoon niet. Als je dit boek leest, denk je niet: zó dacht een Romeinse keizer niet. En dat is hoe dan ook bijzonder goed gedaan door Yourcenar.

Anderen zeggen dat Yourcenar zich te zeer identificeerde met Hadrianus, dat hij Yourcenar zou zijn. Wel schijnt het zo te zijn dat zij met gewone vrouwen niet veel op had, terwijl ze jaren met een vrouw gewoond en geleefd heeft.

Yourcenar was een zeer intellectuele vrouw was, en wat dat betreft identificeerde zij zich meer mannen dan met vrouwen.

Waardering

Dit boek is uniek, vind ik, zowel van taalgebruik als in betekenis.

Ik zie wel overeenkomst tussen dit boek en Het hermetisch zwart, een andere historische roman van Yourcenar, over de 16e eeuw; beide gaan over mensen die een individu zijn, die als vrije mensen in het leven staan; mensen die zelf denken, die doen wat zij zelf denken, die onafhankelijk zijn. Het lijkt mij niet uitgesloten dat Yourcenar daar veel affiniteit mee had.

Yourcenar schrijft heel bijzonder over de dood, in deze beide romans. Zelden heb ik zo’n prachtige sterfscène gelezen als in het Hermetisch Zwart, maar ook in deze gefingeerde biografie van Hadrianus wordt over de dood met verve en diepgang verhaald.

Ik zeg geen ‘neen’ meer tot de doodsstrijd die voor mij is weggelegd, het langzame einde dat uit het diep van mijn aderen omhoog wordt gewerkt, erfstuk misschien van een voorvader, geboortig uit mijn aard, langzaam aan, door ieder van mijn handelingen, in de loop van mijn leven voorbereid. Het uur van het ongeduld is verstreken; op het punt waarop ik gekomen ben, zou wanhoop al van even slechte smaak getuigen als hoop. Ik heb er van afgezien mijn dood te forceren.’ (1989: 253).

Kleine ziel, tere en zwevende ziel, gezel van mijn lichaam, dat je gastheer was, je gaat nederdalen in bleke, harde en naakte oorden, waar je moet afzien van de spelen van weleer. Een ogenblik nog; laat ons samen de vertrouwde kusten schouwen, de dingen die wij stellig nooit zullen weerzien... Laat ons trachten met open ogen in de dood te treden...’ (ibidem: 264)

Een absolute aanrader dit boek, eentje in de categorie lire lentement  (;-)

Over de auteur

Marguerite Yourcenar is het pseudoniem van de Amerikaanse schrijfster van Frans-Belgische oorsprong Marguerite Antoinette Jeanne Marie Ghislaine Cleenewerck de Crayencour (Brussel, 8 juni 1903 – Mount Desert Island, 17 december 1987).[1] Yourcenar is een bijna-anagram van Crayencour.

De auteur, dochter van een Belgische moeder van Belgische adel (Fernande de Cartier de Marchienne, lid van de familie De Cartier[2], en een Franse burgerlijke vader uit de Nord (Frans-Vlaanderen) (Michel Cleenewerck de Crayencour), werd vrij jong wees. Haar moeder overleed kort na haar geboorte en haar vader voedde haar op buiten het reguliere schoolsysteem. Hij leerde haar moderne talen en Latijn. Zij bewonderde haar vader om zijn zin voor avontuur, zijn weetgierigheid en zijn non-conformisme. De beste vriendin van haar moeder, de auteur Jeanne de Vietinghoff, werd een tweede moeder en groot voorbeeld voor Marguerite.

Ze debuteerde als schrijfster met Alexis ou le traité du vain combat in 1929, het jaar dat zij haar vader verliest.

Dankzij de erfenis van haar moeder bereisde zij mediterrane landen. In 1939, bij de opkomende oorlogsdreiging, vertrok zij op uitnodiging van de vertaalster Grace Frick naar New York, waar zij tot 1953 docente vergelijkende literatuurwetenschap aan het Sarah Lawrence College was. In 1947 verwierf zij het Amerikaans staatsburgerschap. In 1950 kocht zij samen met Grace een houten landhuis, Petite Plaisance, in het plaatsje Northeast Harbour op Mount Desert Island aan de kust van Maine, dicht bij de Amerikaans-Canadese grens. Dit is een plaatsje waar men verbonden met de natuur leeft en waar het zeven maanden per jaar streng wintert. Het is nu ingericht als museum.

Daar schreef zij het belangrijkste gedeelte van haar oeuvre. Door haar eruditie kon zij, steunend op haar rijke cultuurhistorische kennis, haar geliefde thema's vormgeven: zelfstandig en kritisch aanwenden van de rede en een humanistisch geloof in de mens. In keizer Hadrianus (76-138 na Chr.), de alchemist Zeno en haar eigen vader komen deze deugden tot leven in haar literair werk. In 1951 verscheen de biografische roman Mémoires d'Hadrien, waarmee zij meteen ook grote bekendheid verwierf. Voor L'Oeuvre au noir (1968) kreeg zij de Prix Femina. In 1974 en 1977 verschenen Souvenirs pieux en Archives du Nord, verwijzend naar de familiegeschiedenis van haar ouders. Over de schrijfster zelf komen wij niet veel te weten, want aan het einde van het tweede deel is de auteur amper zes weken oud.

Haar levensgezellin Grace Frick overleed in 1979. Daarna ging zij weer reizen, tot aan haar dood in 1987. Quoi? L'Eternité, het laatste deel van de trilogie Le Labyrinthe du Monde verscheen postuum.

In 1980 was Yourcenar de eerste vrouw die in de toen 345 jaar oude Académie française als lid werd toegelaten. De Franse criticus Matthieu Galey publiceerde naar aanleiding van haar verkiezing een aantal gesprekken met de auteur, die gebundeld werden in het boek Les yeux ouverts (1981). 
(Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Marguerite_Yourcenar)


Auteur: Marguerite Yourcenar
Titel: Hadrianus' Gedenkschriften
Vertaler: J.A. Sandfort
Pagina's: 306
ISBN 9789025381417
Uitgever: Singel Uitgeverijen
Mijn exemplaar is uit 1989

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat gerust een reactie achter.
Dat wordt zeer op prijs gesteld en we willen graag weten wat je ervan vindt.