donderdag 31 januari 2019

Stefan Zweig-Reis naar het verleden

Recensie door Tea van Lierop
Uitgeverij Atlas Contact L.J. Veen Klassiek

                     

                                                

‘Dans le vieux parc solitaire et glacé 
 Deux spectres cherchent le passé’*



Een ingetogen en intens verlangen



Om deze novelle in de juiste context te plaatsen is het nuttig om te weten dat in 1929 alleen een fragment van deze novelle gepubliceerd werd in een tijdschrift.**

De openingszin ‘Daar ben je’ is raadselachtig, het is nog niet duidelijk wie de woorden uitspreekt en ook niet tot wie. De tweede zin onthult al iets meer, maar nog steeds ligt het verhaal als een mysterie ingepakt, het verlangen door te lezen is gewekt. Stefan Zweig weet de lezer te boeien. In De wereld van gisteren vertelt hij over het Europa van de eerste decennia van de twintigste eeuw en de onbezorgdheid van zijn jeugd in Oostenrijk. De dreiging die als een wolk boven Europa hangt loopt parallel aan de onbezorgdheid van de jeugd en Zweigs analyse is subliem. In deze novelle zoomt hij in op Ludwig, een chemicus afkomstig uit een arm milieu, die terechtkomt als privésecretaris van geheimraad G, directeur van een groot bedrijf in Frankfurt am Main. Daar leert hij de liefde van zijn leven kennen.

De positie van privésecretaris moet hij tegen wil en dank uiteindelijk uitvoeren bij G. zelf, in diens riante woning waar ook de echtgenote woont waaraan hij zijn hart verpand heeft. De liefde is wederzijds en er volgt een tijd van heimelijk gestolen momenten, briefjes over en weer en passionele blikken.

‘Hij herinnerde zich de koude rilling die over zijn handen naar zijn nek liep toen zijn hand in de schouwburg toevallig de hare raakte; honderd van die kleine flitsende herinneringen, nauwelijks bewust waargenomen kleinigheden, stortten nu als door opengebroken sluizen bruisend zijn bewustzijn in, zijn bloed in, en ze troffen hem weer rechtstreeks in zijn hart.’ (2009-16)

In de literatuur vinden zij elkaar, tenslotte kun je vluchten in de veilige wereld van boeken! De versregels boven de titel zijn een vooruitwijzing naar wat staat te gebeuren. Ook in deze novelle speelt de oorlog een grote rol. Wanneer Ludwig voor de zaak naar Mexico moet om naar erts te zoeken is hij in eerste instantie opgetogen, maar meteen daarna volgt het besef dat hij dan gescheiden zal zijn van zijn geliefde. Ze zijn geliefden, maar nog geen minnaars in woord en daad, ze weten van elkaar, maar zijn voorzichtig. Bij beiden is de schok enorm, maar de periode van twee jaar is te overzien.

Het taalgebruik is beeldend. Er is continue een bepaalde spanning aanwezig die aanspoort tot verder lezen, hoewel het boek weinig pagina’s telt en de angst het te snel uit te hebben concurreert met de spanning. Als donderslag bij heldere hemel is daar WOI, alle plannen om na twee jaar alweer terug te zijn vallen in duigen, er rest een verlangen dat uiteindelijk niet zo vurig is als in het begin van de scheiding.
Wanneer de versregels van Paul Verlaine aan het eind van het boek terugkomen en Ludwig de ware betekenis ziet, wordt hem duidelijk wat het lot in petto heeft voor hem en zijn liefde.
De enorme en vernietigende invloed die WOI heeft op Ludwig en zijn geliefde, is een van de thema’s, maar minstens zo belangrijk is de dreiging van WOII, meteen na de eerste dient de tweede zich aan.

Dat het proza zo mooi is kan ik niet genoeg benadrukken, net als het hele proces van nabijheid en gedwongen afstand, de schaduw waarover Verlaine zo mooi dicht en de hoop en wanhoop wanneer Ludwig in het verre Mexico probeert de twee jaar van scheiding te overbruggen. Brieven zijn zijn redding:

‘Haar dank bleek uit de brieven die hij van haar kreeg. In haar rechte handschrift en in rustige bewoordingen, die weliswaar hartstocht verrieden, maar in onderdrukte vorm, vertelden ze ernstig en zonder te klagen over het verloop van haar dag, en hij had het gevoel dat haar blauwe ogen vast op hem waren gericht, alleen de glimlach ontbrak, de wat kalmerende glimlach die alle ernst lichter maakte. Die brieven waren spijs en drank voor de eenzame man geworden. Hij nam ze maar al te graag mee op reis door steppen en bergen en had aan zijn zadel speciale tassen laten naaien, zodat ze beschermd waren tegen plotselinge wolkbreuken en het water van de rivieren die ze op hun expedities moesten oversteken.’ (2009-22)

In deze prachtige novelle is Stefan Zweig er uitstekend in geslaagd de relatie te leggen tussen het liefdesleven van twee mensen en externe factoren waardoor zij keer op keer gedwongen worden hun idealen opzij te schuiven en proberen hun leven te hervatten zonder de hoop op te geven.

Paul Verlaine, Portret van Gustave Courbet

*
In een oud park, verkild en onbetreden
Zoeken twee schaduwen naar het verleden (vertaling Stefan Zweig)

                                                                 Colloque sentimental - Paul Verlaine 

                                                                 Nederlandse vertaling
**
Van Die Reise in die Vergangenheit verscheen in 1929 alleen een fragment, gepubliceerd in het tijdschrift Das Buch des Gesamtverbandes schaffender Künstler Österreichs. Op het volledige typoscript van de novelle, dat pas in de jaren zestig van de vorige eeuw in het archief van de Atrium Press in Londen werd ontdekt, heeft Stefan Zweig de oorspronkelijke titel, Die Reise in die Vergangenheit, doorgestreept. De oorspronkelijke Duitse tekst verscheen voor het eerst volledig in 1987 bij S. Fischer Verlag in de bloemlezing Brennendes Geheimnis, onder de titel Widerstand der Wirklichkeit. (2009-44)

De auteur

Stefan Zweig (Wenen, 28 november 1881 – Petrópolis (bij Rio de Janeiro), Brazilië, 22 februari 1942) was een Oostenrijkse schrijver van Joodse afkomst. Zweig studeerde Germanistiek, Romaanse kunst en Filosofie in Oostenrijk, Frankrijk en Duitsland. In 1913 vestigde hij zich in Salzburg.
Als biograaf beschreef Zweig veel historische en literaire figuren uit het Europese cultuurgebied. Later schreef hij novellen en romans die opvielen door de psychologische benadering en het subtiele taalgebruik. (bron)



Titel: Reis naar het verleden
Titel oorspronkelijk: Widerstand der Wirklichkeit
Auteur: Stefan Zweig
Uitgever: Atlas Contact L.J. Veen Klassiek
ISBN: 978 90 204 1443 1
Vertaling: Liesbeth van Nes
Pag.: 43
Genre: fictie
Verschenen oorspronkelijk 1976
Verschenen in Nederlandse vertaling: 2009



dinsdag 29 januari 2019

Jos Lammers - Beetje groot, beetje klein. Columns uit de kinderwereld

Recensie door Truusje
Uitgegeven bij Brave New Books


'Omdat het míjn, ongetwijfeld ingekleurde, herinneringen zijn,
heb ik voor mijn kinderen, hun vriendjes en vriendinnetjes
en hun moeder gefingeerde namen gebruikt.
De stukjes bestrijken een periode van ongeveer drie jaar.
Bij aanvang is Erik zeven, Mirjam vier en Jasper nul jaar oud.'
- Jos Lammers



Scheutepeuter betekent dat ik verliefd op je ben, pap


Zo'n dertig jaar geleden waren de anekdotes in het jonge gezin Lammers een magnifieke bron voor de auteur om er vele schriften mee te vullen. Het besluit om samen met zijn vrouw een winkel aan huis te beginnen, gaf hem de unieke kans om het opgroeien van zijn kinderen van nabij mee te maken. Destijds heeft Lammers ook als verslaggever dienst gedaan en was het noteren van wat hij zag en hoorde bijna een automatische handeling. Het gevolg was dat hij zoveel bij elkaar had verzameld dat hij er columns van ging schrijven die vervolgens werden gepubliceerd in Libelle en De Mannenkrant.

De geduldig vergaarde stukjes en columns waren een grote inspiratiebron bij het schrijven van de negen kinderboeken die uit zijn pen zijn gevloeid en de herinneringen die bij het teruglezen nog zo vers leken, waren een aanzet om dit boek te schrijven over zijn eigen kinderen, met ontroerende verhaaltjes en grappige voorvalletjes.

Knikkeren

[...] “Maar,” vraag ik, “waar is je knikkerzak eigenlijk?”
“Die heeft Sep.”
“Sep? Hoezo?”
“Dat moet, als je verloren hebt.”
“Wie zegt dat?”
“Nou, Sep natuurlijk.”


Ziek

Mirjam klaagt over pijn in haar buik. En in haar rug, heel erg zelfs. En haar hartje is ook al gebroken.
“Gelukkig ben ik nog niet dood,” stelt ze tevreden vast.
“Mag ik zo'n ding met van die wielen, waar ze je ook in kunnen duwen?”
“Een ding met... oh, een rolstoel!”
“Ja, een rolstoel.”
“We kijken het eerst nog wel even aan.”
Niet lang daarna zit ze kreunend op de wc.
“Pap! Pap! Kom gauw kijken!” roept ze in paniek.
“O kindje, je hebt diarree.”
Dat wil ze wel eens heel precies weten. En terwijl ze bleekjes op de bank ligt, vertel ik haar dat er in haar buik darmen zitten. Een soort touwtjes ja, dat zou je kunnen zeggen. En die darmen, die zijn een beetje ziek.
“Wel zielig voor me,” zegt ze zachtjes,
“dat ze dat bij me doen. Wel heel zielig.” [...]

Dit verzamelboek met zwaarwichtige en belangrijke kinderbelevenissen, grappige kinderlogica, ontroerende kinderliefde en aandoenlijke kinderverdrietjes is een feest van herkenning voor elke ouder en zullen ongetwijfeld ook bij hen herinneringen over hun eigen kinderen naar boven halen. Het laat prachtig zien dat groter groeien een hele klus kan zijn voor een kind.
De cover met de titel 'Wij' komt van de hand van Erik en kleindochter Lieke van 3 heeft aan de wieg gestaan aan de titel van het boek.

Dit boek is zoals Lammers zelf zegt: Voor iedereen die graag nog eens over zijn schouder kijkt.

Gezond

“Wat eten we?” vraagt Mirjam op een toon die niet veel goeds belooft.
“Stamppot,” zeg ik, “en als dat op is wentelteefjes.”
“Oooh,” kreunt ze, “waarom maak je niet iets dat gewoon lekker is?”
“Hij doet toch zijn best,” zegt Erik. “Eerst moeten we iets gezonds eten en dan krijgen we iets lekkers.” Het klinkt bekend.
“Waarom maakt hij dan niet iets dat gewoon lekker is én gezond?” vraagt Mirjam honend. “Dat is er bijna niet,” zegt Erik, met spijt in zijn stem.

Auteur

Jos Lammers (1952) geniet momenteel van zijn pensioen. Zijn werkzame leven heeft hij gewerkt als winkelier, verpleger, journalist, tekstschrijver en fanatiek fietsliefhebber. zijn nadruk legt hij echter op het schrijven van literaire (non-)fictie, kinderboeken en columns. Van deze bundel zijn er eerder enkele 'Columns over het vaderschap' opgenomen in Libelle en De Mannenkrant. Zijn werk en verdere informatie is te vinden op zijn website.

Titel: Beetje groot, beetje klein
Auteur: Jos Lammers
Pagina's: 263
ISBN: 9789402183443
Uitgegeven bij Brave New Books
Verschenen: november 2018

maandag 28 januari 2019

Iris Murdoch-Bruno's droom

Recensie door Tea van Lierop
Uitgeverij Atlas Contact


                                                                       ‘Bruno was bezig wakker te worden’

                                                                       Openingszin eerste en laatste hoofdstuk



In de schemer van het menselijk bestaan



Iris Murdoch hield me dagenlang in de greep met haar roman Bruno’s droom, en hoe! De belofte van de flaptekst wordt meer dan bewaarheid wanneer je je kunt laten meeslepen door de betoverende stijl en karakterbeschrijvingen van deze roman.
Bomvol motieven, thema’s, allusies trekt het verhaal je geheid de diepte in en laat je ademloos achter wanneer het boek uit is. De maalstroom van de hallucinerende beelden blijft met onverminderde vaart deel uit maken van je bestaan, om je langzaam terug te laten komen op aarde, maar wel met een blijvende herinnering aan dit staaltje verbeeldingskracht.  

Wat is er zo bijzonder aan dit boek?
Om te beginnen is daar de oude Bruno Greensleave, die aan zijn bed gekluisterd en volledig afhankelijk van zijn verzorgers, terugdenkt aan zijn verleden. Zijn herinneringen zijn vol spijt, zijn levenskeuzes blinken niet uit in liefde voor de medemens, hij had vooral liefde voor zichzelf.
Zoals zijn levenswandel beschreven wordt als verdorven, is zijn lichaam ook niet meer wat het geweest is. Het is verworden tot een monster dat leeft in zijn eigen graf. Behalve zijn voorliefde voor vrouwen zijn er nog twee passies: zijn kostbare postzegelverzameling en z’n fascinatie voor spinnen. Zijn eigen enorme hoofd komt wonderwel overeen met dat van de spin. 
 
Van het één komt het ander, want een spin maakt een web en ook Bruno heeft een web gesponnen van personages, die allemaal hun rol vervullen, maar onderling sterk verbonden zijn. Niet zo sterk dat hun rol onveranderd blijft, gedurende het verhaal zullen zij vele malen veranderen van positie binnen het web.
Het huis waarin Bruno woont is ook de woning van Danby, de man van Bruno’s overleden dochter Gwenn. Adelaide is behalve dienstmeid ook Danby’s geheime minnares.
Verdere hoofdrolspelers zijn Miles- zoon van Bruno- de tweeling Nigel en Will, Adelaide is hun nicht, ze groeiden samen op en legden toen de basis voor intriges die breed uitgesponnen worden in het verhaal. Parvati was Miles’eerste vrouw, zij kwam om bij een vliegtuigcrash, Diana is z’n tweede echtgenote. Lisa de engelachtige hartenbreekster is de zus van Diana.

Het decor is Londen en het spookt er opvallend vaak, altijd weer die regen die tegen de ramen klettert met een boel herrie en ook de Theems heeft een prominente plek. Om het motief water nog wat meer kracht bij te zetten wordt er overvloedig gehuild. Het water komt vaker voor in Murdochs romans, het water had een enorme aantrekkingskracht op haar en ze verwerkt het motief uiterst dramatisch in haar boeken. Meestal met slechte afloop.

Als een rode draad lopen Liefde en dood, Eros en Thanatos, door de hele roman. Bruno is stervende, hij klampt zich vast in hetgeen hij nog heeft, zijn herinneringen aan de liefde. Zelfs nu hij zo vervallen in zijn bed ligt, wordt hij toch nog gezien als een seksueel aantrekkelijk wezen door engel Lisa.
Miles is dichter, na de dood van zijn aanbeden Parvati schreef hij honderden liefdesverzen. Maar daar maakte de oorlog een einde aan: ‘Eros was in Thanatos veranderd en nu was zelfs Thanatos gesluierd’
Nigel heeft alles lief en Bruno denkt dat God de dood is.
Eros en Thanatos zie je ook nog terug in twee tegengestelde locaties: de elektrische centrale aan Lots Road en het kerkhof aan de Brompton Street.



Thanatos en Eros *

Het bovenaardse als motief is terug te zien in de gekozen namen:
Parvati-Hindoeïstische godin, Miles aanbidt haar.
Diana: Romeinse godin van de jacht. Zij jaagt op Miles.
Lisa: van Elizabeth, verbond aan God, ze is een engelachtig wezen, een beetje mysterieus en voorbestemd om zich op te offeren, te lijden.

Het web is natuurlijk ook een motief, niet alleen letterlijk door de spinnen waardoor Bruno aangetrokken wordt en de personages die zich in het web bevinden, maar ook het hele web van motieven. Het lucide aspect van een web symboliseert de vele dromen van de personages. Het is zeker niet alleen de droom van Bruno, maar ook anderen leven niet helemaal in de werkelijkheid.
Nigel is niet helemaal op de wereld, hij lijkt niet met beide benen op de grond te staan wanneer hij, door de drugs, zwevend als een engel zich over straat beweegt.

Doordat de verhoudingen van de personages onderling verschuiven alsof het gaat om wisselingen op het toneel, komt het illustere gezelschap steeds in een ander licht te staan. Dit geeft een bijzonder levendig beeld, het zorgt voor een werveling en spanning. De afwegingen en de dialogen geven weer wat er omgaat in de hoofden van de personages.

En in retrospectie zag Danby zijn huwelijk als een zuivere celebratie aan de god van de liefde, iets bijna despotisch en toch zonder twijfel noodzakelijk, bedacht en begeleid door de gril van die godheid zonder de hulp van enige aardse natuurlijke grondslag.’

Het goede en het kwade komt los, engel en duivel strijden met elkaar. De wisselende constellaties in de paren zijn als verschuivende driehoeken, het zijn geen op zichzelf staande personen, om bloedbanden kun je niet heen.
De driehoek komt ook terug als de vorm van een zeer kostbare postzegel- een driehoekige- object van list, bedrog en verzoening.

De filosofie van Iris Murdoch laat zich het eenvoudigst omschrijven als moraalfilosofie. Aanvankelijk voelde zij zich aangetrokken tot het existentialisme van Sartre, maar later kwam het besef dat ze het niet eens was met Sartre’s theorie dat de mens als een lege huls geboren wordt en daarna keuzes maakt, zij dacht dat er al zaken aanwezig zijn, zoals 'het goede'.

Deze complexe roman is toch redelijk toegankelijk geschreven. Om het verhaal goed te kunnen volgen is het niet nodig alle lagen te exploreren, maar die laagjes maken het boek wel extra rijk. Behalve de genoemde greep uit de vele motieven wil ik niet nalaten te vermelden dat ook in dit boek Wittgensteins invloed te zien is:

Daarover kunnen wij niet spreken.’
Daarover moeten wij zwijgen.’ (hs 9) **
(Deel van een gesprek over tussen Miles en Diana, heimelijk gadegeslagen door Nigel.)



*Detail van een zuilvoet van de Tempel van Artemis in Efeze. Ca. 325-300 v.Chr.
  Eros spant zijn boog. Het beeld is van Lysippos.

**Citaat uit Tractuatus Logico-Philosophicus-Ludwig Wittgenstein


De auteur

Dame Jean Iris Murdoch (Dublin, 15 juli 1919 – Oxford, 8 februari 1999), was een filosofe, die haar grootste bekendheid dankt aan haar werk als romanschrijfster. The Times plaatst haar op nummer 12 in de 'top 50 beste Britse schrijvers sinds 1945'.[1] Haar roman Under the Net is geplaatst in de Modern Library 100 Beste Romans.

Titel: Bruno’s droom
Titel oorspronkelijk: Bruno’s dream
Auteur: Iris Murdoch
Uitgever: Atlas Contact
Vertaling: Clara Eggink
ISBN: 9789025463649
Pag.: 296
Genre: Literaire fictie
Verschenen oorspronkelijk: 1969

vrijdag 25 januari 2019

Mohammed Chacha, Mimoun el Walid, Fadma el Ouariachi, Ahmed Ziani - Vallende tijd


Recensie door Truusje
Uitgeverij Jurgen Maas


Dichtbundel als apotheose

Met dit tiende deel wordt de Berberbibliotheek afgesloten. Met veel spijt heb ik vernomen dat de afspraak tussen Asis Aynan en Jurgen Maas was, dat er in totaal tien titels uitgebracht zouden worden. Niet meer, niet minder. Met Vallende tijd valt tevens het doek.

In 2011 werd het eerste boek gepresenteerd in samenwerking met uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep en er volgden nóg drie titels. In 2014 verscheen het vijfde boek bij de jonge uitgeverij Jurgen Maas, die zich richt op de multiculturele samenleving, Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
In het verklarende en informatieve nawoord beschrijft Asis Aynan het ontstaan en het afsluiten van zijn project. Tevens gaat hij dieper in op de dichters uit deze bundel.

Vallende tijd is een bloemlezing van gedichten - in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw geschreven - van de vier belangrijkste Riffijnse dichters, te weten;
- Mohammed Chacha (1955-2016)
- Mimoun el Walid (1954-2016)
- Fadma el Ouariachi (1957)
- Ahmed Ziani (1959)

Wat onomstotelijk in de gedichten doorklinkt is het verlangen naar het einde van de onderdrukking van het eeuwenoude Riffijnse volk, de bewoners van de Rifstreek in het noorden van Marokko. De invloed van de Marokkaanse heerschappij, de sociaal-economische achterstand en het uitsluiten van de Riffijnse cultuur heeft het volk geen goed gedaan - het moge duidelijk zijn dat dit een understatement is - getuige de demonstraties en de opstanden die hardhandig de kop ingedrukt zijn door het koninkrijk Marokko. Het recht dat een mens heeft op een persoonlijke ontwikkeling staat haaks op de heersende hypocrisie. 
Op grond van de slechte economische situatie, door de hoge werkeloosheid, zijn veel Riffijnen in de 60er en 70er jaren ingegaan op de werving van arbeidskrachten door onder andere België en Nederland. Deze arbeidsmigratie werd door de dictatoriale Marokkaanse overheid gestimuleerd.
Van het viertal dichters is Fadma el Ouariachi de enige die nooit naar Europa is gekomen.
Tot zover de kleine geschiedenisles.
Ahmed Ziani

'Spreek tot mij en ik spreek tot u: door het woord zullen wij elkaar verstaan.
Zeg mij: hoe komt het dat wij niet in één kamer passen,
langs de wegen ons leven meesjouwen in een boodschappennetje,
terwijl de zon ons verzengt, de regen ons striemt,
de wervelwind de hemel onophoudelijk verduistert? [...]'
Ahmed Ziani

Stuk voor stuk ademen de gedichten in deze bundel het verlangen naar autonomie, gelijke rechten, rechtvaardigheid, de wens om gehoord te worden en op waarde geschat. De teksten zijn ook niet gespeend van vertwijfeling, onzekerheid, verdriet en angst. Angst voor onderdrukking en de zorgen ten aanzien van de toekomst. Met name Chacha beschrijft ook zijn geloofstwijfel en zijn afzetten tegen de regels van de islam. ( Wanneer drink ik op straat mijn wijn, eet ik varken tussen de mensen [...]')

Mohammed Chacha

'Je hoeft maar een kik te geven en
ik weet wat mij te doen staat!
Al meer dan duizend jaren
hoor ik dezelfde woorden:
'Zwijg en dien het regime,
anders ben je een hoerenzoon!'
Zolang wij elkaar niet begrijpen
veroordelen wij elkaar om één enkel woord. [...]'
Mohammed Chacha

De vertaling van de gedichten is van de hand van diverse vertalers, maar voor het overgrote deel heeft Hester Tollenaar haar talent bewezen met de - een naar mijn idee niet altijd even gemakkelijke taak om de essentie goed weer te geven - formidabele vertalingen vanuit het Berbers.

Mimoun el Walid
'[...] Ik heb mijn land verlaten, ben weggetrokken in ballingschap.
Zeven zeeën ben ik overgestoken.
Ik moest en zou het geluk vinden!
Van het ene land naar het andere getrokken,
ben ik aan het einde van mijn krachten.
Al het zweet is uit mij gewrongen en ik ben leeggezogen. [...]'
Mimoun el Walid

Heel jammer dat er een einde is gekomen aan het tijdperk Berberbibliotheek. Met veel plezier las ik enkele titels, maar gelukkig heb ik er nog een paar in de kast staan om gelezen te worden. Besprekingen daarvan zullen hier zeker volgen.

Fadma el Ouariachi
'Je hebt je vlees verkocht
in ruil voor iets anders
over hoe hij worden zal
heb je niet nagedacht, zo bracht je hem ter wereld
hij was warm en trilde nog
dat was de wijze waarop je je ontdeed van een last
een last waarmee je hem opzadelde
als het kon had je met hem overlegd
toen hij er nog niet was
en daarna een vrucht in je schoot werd
deze vergissing [...]'
Fadma el Ouariachi

Tenslotte nog even dit......
Het schrijven van een bespreking van een bundel gedichten is meestal lastiger dan van een roman. Er is  geen sprake van één enkel plot om in grote lijnen te bespreken, want het zijn stuk voor stuk aparte 'verhalen'. Ik hoop dat ik er toch in ben geslaagd om de essentie van het boek weer te geven. De gedichten zijn bijzonder toegankelijk en het is zeer verrassend om te ervaren dat de vier dichters een geheel eigen stijl hebben, terwijl ze alle vier iets van hun cultuur, de beklemmende gevoelens, verlangen en twijfels hebben willen uitdragen. Er zitten veel pareltjes tussen die het herlezen meer dan waard zijn, om over na te denken en te beseffen dat wij onze zegeningen kunnen tellen.
Een voortreffelijke afsluiting met overdonderende teksten.

De Spaanse Netflix-serie 'Tiempos de guerra' is de moeite waard om te kijken, om een indruk te krijgen van de Rifoorlog van 1920-1926.

Titel: Vallende tijd
Auteurs: Mohammed Chacha, Mimoun el Walid, Fadma el Ouariachi, Ahmed Ziani
Pagina's: 94
ISBN: 9789491921575
Uitgeverij Jurgen Maas i.s.m. Berberbibliotheek
Verschenen: januari 2019

dinsdag 22 januari 2019

Norman Mailer-Helden zonder glorie

Recensie door Roosje
Uitgeverij Zhu




Oorlog is een misdaad tegen de menselijkheid *


Helden zonder glorie is het verhaal van een Amerikaans peloton dat een veldtocht voert tegen de Japanners op het (gefingeerde) eiland Anopopei in de Filipijnse archipel. Er sneuvelen uiteindelijk veel meer Japanners dan Amerikanen. De Amerikaanse wreedheid tegen de vijand is grotesk (misschien wel enigszins begrijpelijk gezien het reeds aanwezige oorlogstrauma) en om misselijk van te worden. Uit informatie achteraf blijkt dat de aanval helemaal niet nodig was; de Japanners hadden vrijwel geen voorraden meer en waren derhalve eigenlijk al verslagen.

Alle inspanningen zijn feitelijk tevergeefs geweest. Dat verbaast natuurlijk geenszins. Dit is een rauw anti-oorlogsboek. Een van de eerste boeken met kritiek op WOII en in dit geval op de Amerikanen.
Ik moest onder het lezen ook wel denken aan Catch-22 van Joseph Heller, ook een anti-WOII-boek, maar dit verscheen later en dat gaat over vliegers. Heller begon te schrijven in 1953 en publiceerde de roman in 1961.

De roman is rauw, cynisch en indrukwekkend. Bij vlagen is het verhaal ook ontroerend en zijn er stukjes die heel indringend, menselijk en zelfs poëtisch zijn. Veel minder aantrekkelijk is het grote aantal personen dat in de roman voorkomt (een heel peloton?), het weinig aantrekkelijke en te lange verhaal, en dat de figuren ondanks de ‘Tijdmachine’ te weinig psychologische diepte krijgen, of te weinig sympathie opwekken.
De keuze om vrijwel alle manschappen van het peloton aan het woord te laten is een bewuste keuze. Daardoor krijgt het verhaal een grotere impact dan wanneer er een paar mannen de hoofdrol spelen.

Natuurlijk zijn ook de relaties van de mannen onderling heel belangrijk. Je ziet een dwarsdoorsnede van de Amerikaanse samenleving: jongens uit de stad, jongens van het platteland; joden, Polen, Noren, Ieren, Italianen, Mexicanen, noem maar op. Vrijwel alle etnische groepen zijn aanwezig. Behalve de African-Americans. Het Amerikaanse leger is strikt gesegregeerd. Daarom zijn er geen zwarte jongens in Mailers peloton. 
 
Er is sympathie voor elkaar en camaraderie, maar ook veel afgunst en antipathie. Er is veel misogynie: het kwaadspreken over vrouwen en over hun en elkaars echtgenoten, vrouwen worden gezien als seksobject (of grootspraak daarover). Er is racisme, en antisemitisme. Er zijn gevoelens van eenzaamheid en angst om te sterven en die gevoelens moeten zo veel mogelijk onderdrukt worden, maar dat lukt niet altijd. In ieder geval geldt voor elke soldaat en ook voor officieren dat de oorlog onvoorwaardelijk dehumaniseert. Er is sprake van enorme lichamelijke en geestelijke uitputting, maar ook van verveling.

Een van de eerste anti-oorlogsboeken uit de 20e eeuw was Van het westelijk front geen nieuws van Erich Maria Remarque uit 1929. Hierin staat vooral de vriendschap tussen de manschappen centraal, naast natuurlijk de enorme ellende van de oorlog. Helden zonder glorie is een veel cynischer en rauwer boek.

Dat rauwe in het boek, de spreektaal en het slang dat de mannen spreken en hoe zij met elkaar spreken, dat is allemaal zeer prijzenswaardig, maar het boek is gewoon veel te lang. De psychologische diepte van de karakters ontbreekt. Dat is evenzeer een bewuste keuze geweest van Mailer. Wellicht wilde Mailer door de lengte van de roman benadrukken hoe verschrikkelijk en hoe verschrikkelijk vervelend ook die oorlog geweest is.

Hulde natuurlijk ook voor Mailer, die het boek in 15 weken geschreven heeft en toen hij pas 25 jaar was. Hij heeft deels uit eigen ervaring geput. Hij heeft als kok deel uitgemaakt van het Amerikaanse leger in de Filipijnen en dat deed hij niet vrijwillig.




Over de auteur:

Norman Kingsley Mailer (Long Branch (New Jersey), 31 januari 1923 - New York, 10 november 2007) was een Amerikaans schrijver en journalist.
Mailer verhuisde op zijn vierde naar Brooklyn in New York. In 1939 werd hij toegelaten tot Harvard, waar hij in 1943 afstudeerde in luchtvaarttechniek. Een jaar later werd Mailer opgeroepen door het Amerikaanse leger en diende hij als marinier in de Filipijnen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Gebaseerd op deze ervaringen publiceerde hij in 1948 zijn debuutroman The Naked and the Dead, die in 1998 werd opgenomen in de lijst van de honderd beste Engelstalige boeken van de 20ste eeuw, opgesteld door de Amerikaanse uitgever Modern Library.

In 1955 was Mailer een van de medeoprichters van de krant The Village Voice. Eind jaren 60 werd Mailer samen met auteurs als Tom Wolfe en Truman Capote een van de voormannen van de New Journalism, een stroming binnen de journalistiek waarin non-fictie artikelen werden geschreven alsof het een roman betrof. Mailer viel daarin op door in zijn journalistieke stukken zichzelf in de derde persoon enkelvoud (in de 'hij-vorm') op te voeren. Zijn meest succesvolle boek in deze stijl was The Armies of the night, waarin hij over zijn deelname aan een demonstratie tegen de Vietnamoorlog schreef. In 1969 won hij voor dit boek zowel de National Book Award als de Pulitzer-prijs in de categorie non-fictie.

Mailer ontving zijn tweede Pulitzer-prijs in 1980 voor het boek The Executioner's Song, zijn relaas over de tot de doodstraf veroordeelde Gary Gilmore. Verder schreef hij biografieën over onder meer Pablo Picasso, Lee Harvey Oswald en Marilyn Monroe.

In zijn fictie was Mailer een nazaat van Ernest Hemingway: net als Hemingway schreef hij veelal over macho's, die voelden dat ze hun mannelijkheid moesten bewijzen. Een ander prominent terugkerend thema in zijn werk is de vader-zoon relatie: bijvoorbeeld die van de sergeant met zijn jonge soldaten in The Naked and the Dead, die van de spion met zijn mentor in Harlot's Ghost, die van Jezus Christus met God in The Gospel According to the Son. Norman Mailer werd weleens beticht van misogynie. Zo zou hij volgens feministische critici relatief veel seksueel geweld in zijn werk hebben opgevoerd, waarbij veelal wordt verwezen naar een incident uit 1960, toen hij in benevelde staat zijn tweede vrouw, Adele Morales, op een feestje met een mes neerstak. Hoewel verwond weigerde ze aangifte te doen, waardoor Mailer er met een voorwaardelijke gevangenisstraf vanaf kwam. Desalniettemin schuwde hij daarna de aandacht nooit, en in 1969 deed hij zelfs een mislukte gooi naar het burgemeesterschap van New York.

Norman Mailer trouwde zes maal en kreeg in totaal acht kinderen; hij had één stiefzoon. Hij overleed eind 2007 op 84-jarige leeftijd door acuut nierfalen, een maand nadat hij een longoperatie onderging. (bron)


Titel: Helden zonder glorie
Titel oorspronkelijk: The naked and the dead
Auteur: Norman Mailer
Vertaling: J. F. Kliphuis
Uitgeverij: Zhu
ISBN: 9789051120677 ,
Pag.: 736
Genre: Literatuur & Romans
Verschenen 2001


* Het stuk is uit november 2015

Jacqueline Zirkzee - De eerste priesteres


Recensie door Truusje
Uitgeverij London Books


De twee die een zijn

Met De eerste priesteres heeft Jacqueline Zirkzee een prachtige historische roman geschreven die op meerdere niveaus te lezen is. Op een geloofwaardige manier beschrijft Zirkzee de rituelen die gebezigd werden. In het nawoord geeft ze aan dat ze dit verhaal heeft gebaseerd op de geschiedenis van de Sumeriërs. De namen die ze gebruikt zijn allen terug te vinden in de kleitabletten van Mesopotamië, maar daar kom ik later op terug.

Het is het verhaal van de tweeling Inanna - de spreekbuis van de goden - en Eridu, die geluk heeft gehad om nog in leven te zijn. Een dubbelgeboorte zou namelijk ongeluk brengen en het jongetje ziet er bovendien anders uit met zijn langgerekte hoofd. De moeder van de jonge vrouw geeft hun vader Anu een dramatische opdracht;

'Het is geen kwestie van een keuze maken. [...] Dat begrijp je toch wel? Je kunt niet één kind naar het dodenrijk zenden en het andere behouden. De Aardemoeder heeft ze gevormd als één wezen, ze delen één ziel. De dood van de een betekent de dood van de ander. Je hoeft alleen de jongen maar te doden, het meisje zal hem vanzelf volgen. Dat kan niet zo moeilijk zijn.'

Maar Anu weigert zich te schikken in de rituelen van het geloof in Moeder Aarde en het offeren om haar tevreden te stellen. Hij loopt weg met zijn kinderen.
Aan de oever van Het Serpent die meandert door het landschap, in het Dorp van de Reiger groeien ze op. Eridu voorziet een vloedgolf die het dorp zal teisteren. 'Er wordt een gat in de wereld geblazen'. Bruisend en kolkend water van Het Serpent overspoelt de nederzetting en aanhoudende regen is er de oorzaak van dat het water zich lange tijd niet terug trekt.

Ziggoerat in Mesopotamië
'[...] de kinderen, ziek en ondervoed, verloren sneller de greep op het leven dan de volwassenen. Zij die bleven leken steeds meer op trieste kleine versies van Eridu, vond Ianna: broos en spichtig, met hoofden die te groot leken voor hun lijfjes.'Je moet niet verdrietig zijn om de doden', zei grootmoeder. 'Ze gaan naar huis. De Moeder zal bij hen zijn. De voorouders zullen voor hen zorgen.'

Wanneer Eridu last krijgt van hoofdpijnen en toevallen lijkt hij het onheil over zichzelf af te roepen. De jongen met het lelijke uiterlijk wordt tijdelijk opgesloten in een kooi.
Een groep herders doet het geteisterde dorp aan en omdat de tweeling zich danig in het nauw gedreven voelt, vertrekken ze samen met de leden van de stam van de Gehoornde God, waar ze zich goed op hun gemak gaan voelen. De jonge Tammuz steelt bovendien het hart van Inanna.
Maar... de stam gaat op pad met de belofte terug te keren en de tweeling blijft achter om het vuur in de grot te blijven voeden. Als de terugkomst van de stam op zich laat wachten, vertrekken ook Inanna en Eridu.

Via omzwervingen komen ze een andere vluchteling uit het Dorp van de Reiger tegen, die een nieuwe nederzetting heeft gebouwd. Inanna noemt het; Spiegeldorp, maar ook deze stam ontvluchten ze. Hoe het ze verder vergaat laat ik aan de lezer over.

Nu wil ik even terugkomen op mijn bewering dat dit boek op meerdere niveaus te lezen is. Als een heerlijke historische roman die, zoals op de achterzijde heel terecht staat vermeld, zich heel goed laat vergelijken met de boeken over De stam van de holenbeer.
Toch is er een prachtige verdieping te vinden voor de lezer die zich interesseert voor de geschiedenis van de Sumeriërs in de tijd voor onze jaartelling.

Toren van Babel
Er wordt gedacht dat de Sumeriërs de eerste stedelijke beschavingen hebben gevormd. Ze zijn de stichters van de ziggoerats - tempeltorens in de vorm van een piramide met gelaagde terrassen om de goden te eren -, zoals die te vinden zijn in het oude Mesopotamië (Irak) en Perzië (Iran)Om een draadje te trekken naar de Bijbel, ook de Toren van Babel is gebouwd in de vorm van een ziggoerat

Bij Ninevé en Ur zijn kleitabletten met wigvormige tekens gevonden die worden toegeschreven aan de beschaving van de Sumeriërs, de oudste beschaving die bekend is en ongeveer leefde van 4500 tot 1700 voor Christus.
De aarden heuvels waarin de kleitabletten zijn gevonden bevatten ruïnes van een stad. Een stad bestaande uit meerdere lagen, omdat het steeds weer herbouwd werd. Lange tijd hebben de wigvormige tekens op de kleitabletten hun geheime betekenis niet prijsgegeven, maar drie eeuwen na de vondst is het spijkerschrift dan toch nog ontcijferd en onthulde de tekst de beschaving van de Sumeriërs. Hiermee is dit volk het eerst bekende dat een schrift had ontwikkeld.
Ook voor cijfers werden tekens ontworpen en ze maakten gebruik van het getal 60 als basis en niet 10 zoals wij dat nu gebruiken. Het getal 60 is nu nog terug te vinden in onze seconden en minuten en de 360° van een cirkel.

Kleitablet van Sumeriërs
Ze geloofden in de krachten van natuurverschijnselen, goden en demonen. De mens had de taak om de goden te dienen, die hen zouden beschermen en het onheil te keren. Er zijn in de geschriften veel overeenkomsten te vinden met de Bijbel, zoals de zondvloed, het meest bekende verhaal uit de Bijbel en in 
De eerste priesteres beschreven wordt als het overstromen van Het Serpent.

De teksten op de kleitabletten zijn helaas alleen professioneel vertaald in het Engels, maar wie nieuwsgierig is naar de teksten, kan deze HIER lezen in een vertaling van De Ware Wereld. Het is fascinerend om te zien hoe de genoemde namen terugkomen in het boek De eerste priesteres. Op een geloofwaardige manier beschrijft Zirkzee de rituelen die gebezigd werden.

Als laatste wil ik nog even de aandacht vestigen op de prachtige cover van het boek en de uitvoering in soft-touch laminaat, dat een hoge aaibaarheidsfactor heeft, en de duidelijke lay-out van de rug.

Auteur

Jacqueline Yvonne Zirkzee (Leiden, 30 juni 1960) is een Nederlandse auteur en historicus.
Na haar debuutroman Mykene (2001), een historische roman over de Trojaanse Oorlog, schreef ze een bewerking van de legende van Tristan en Isolde: Het Boek van Tristan en Isolde (2004). Ze was co-auteur van de briefroman Iris & Valentine. In 2008 verscheen Het Heksenhuis, een historische roman gebaseerd op de heksenvervolgingen in Bamberg. Na een verhalenbundel in 2011 volgde in 2013 de roman Reimer over de beginjaren van de VOC en de Gouden Eeuw. In 2014 werd Het Boek van Tristan en Isolde uitgebracht in vertaling als The Book of Isolde, onder het pseudoniem J.J. Circe.
Ze groeide op in Oegstgeest en studeerde sociale en economische geschiedenis aan de Universiteit Leiden. Haar romans zijn gebaseerd op historisch onderzoek.


Titel: De eerste priesteres
Auteur: Jacqueline Zirkzee
Pagina's: 372
ISBN: 9789492883483
Uitgeverij London Books
Verschenen: 20 januari 2019